Posts tonen met het label Wallonië. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Wallonië. Alle posts tonen

05 oktober 2010

Crisis Christendemocratie destabiliseert Europa: Frankrijk, Duitsland, Italië, België, Nederland.

Saluut van Eurlings aan Verhagen, Arnhem, 2.10.10

Bij gebrek aan eigen inbreng, klampt de Christendemocratie in diverse landen van Europa zich vast aan modieuze trends. De dramatische verliezen aan stemmen vertalen zich in opportunistische bondgenootschappen met twijfelachtige partners.

Nederland
Deze ontwikkeling zette zich al vroeger in dan het jaar 2002. Maar het was toen, dat in Nederland de CDA-hopeful J.P.Balkenende een soort non-agressiepact sloot met de populist Pim Fortuyn, om na de verkiezingen de macht onderling te verdelen. Het lukte, en na 8 jaar oppositie-lijden, werd het CDA opnieuw Nederland's grootste partij dank zij de stemmen van velen, die Fortuyn en zijn "partij" (LPF) vol malloten te ver vonden gaan, maar die hadden begrepen, dat Fortuyn (als hij niet vermoord was geweest) met het CDA had willen regeren. Daarmee kwam in het land een rechts verbond aan de macht, bestaande uit de conservatieven van de VVD, de erfgenamen van Pim Fortuyn (LPF) en het triomferende CDA.
Ondanks pogingen om "waarden en normen" bovenaan de prioriteitenlijst te plaatsen, bleef het zieltogende christendemocratische element vrijwel onzichtbaar en loste na 2007 op in een ongewenst verbond met de sociaaldemocraten van de PvdA. Balkenende en het CDA werden daarop keihard afgerekend bij de verkiezingen in mei 2010. De partij ging van 40 naar 21 zetels in het 150 zetels tellende parlement en werd de vierde in grootte na de conservatieven van de VVD (31), de sociaaldemocraten van de PvdA (30) en de rechtspopulisten van Wilders' PVV (24).
België
Ook in België (Vlaanderen) verdwenen in 1999 de Christendemocraten van het CD&V uit de regering. Vanaf 2001 werd onder leiding van de jonge Yves Leterme gezocht naar nieuw bloed in de vorm van een "kartel-overeenkomst" met een van de Vlaams-Nationalistische formaties, het NV-A van de humorloze Geert Bourgois en de coming man Bart Dewever. In 2005 had dat succes in de Vlaamse regio en in 2007 vierden Leterme en Bart Dewever uitbundig hun gezamenlijke verkiezingsoverwinning in een zaaltje vol NV-A leeuwenvlaggen. Bij de formatie van een nieuwe regering in België, bleek al spoedig, dat Leterme en diens CD&V niet in staat waren, om zich uit de omhelzing van NV-A te bevrijden en sinds begin-2009 sukkelt een caretakers-kabinet onder leiding van de uitgebluste Leterme aan het hoofd van een desintegrerend land.
De Franstalige christendemocraten hebben een originele mimicry gekozen. Het CDH, onder leiding van Joëlle Milquet, noemt zich "humanistisch" en refereert minder dan de franstalige Groenen van Ecolo aan het Christendom. Vaste bondgenoor van de in Wallonië oppermachtige socialisten, handhaaft het CdH zich als gematigde vleugel van progressief en verarmd Walenland.
Frankrijk
In Frankrijk werd de ooit machtige christelijke middenpartij fijngemalen tussen haar rechtse voorkeuren, dus bondgenootschappen met de meerderheid van de gaullisten, en de noodzaak om aan een achterban van verarmde boeren en verlichte gelovigen een sociaal gezicht te tonen. Na diverse splitsingen, zit het grootste deel van de gezeten Dickerdacks bij Sarkozy's UMP en volgt een minderheid de pathetische wendingen van François Bayrou. Bayrou hoopt een sleutelpositie te kunnen innemen, met zijn geslonken aanhang, tussen de twee blokken in de Franse politiek, het conservatieve- en het door de socialistische partij gedomineerde. van christelijke inspiratie is weinig of geen sprake meer. Des te meer van politiek opportunisme, zoals dat genadeloos aan de kaak werd gesteld door daniël Cohn-Bendit van de Franse Groene Partij bij de Europese verkiezingen van 2009.
Duitsland
Waar zijn de tijden van Adenauer's CDU en Franz-Josef Strauss' CSU? Dank zij grote onvrede met Gerhard Schröder's achtjarig bewind, werd de combinatie CDU-CSU in 2006 de grootste, maar moest met de sociaaldemocraten regeren. In 2010 kwam de SPD er opnieuw niet aan te pas en ontstond er een kleine meerderheid, om met de liberalen van de FDP te gaan regeren. Dat deed Angela Merkel, en het bekomt haar heel slecht. De christendemocratie is landelijk van boven de 30% naar ongeveer 20% gezakt. Door nederlagen in grote bondsstaten als Nordrhein-Westfalen, heeft de christen-liberale regering de meerderheid in de Eerste Kamer, de Bundesrat, verloren. De CDU-CSU zijn er nog niet aan toe, om, zoals in Frankrijk en de Benelux, zich te gaan vastklampen aan populistische bewegingen. Nog houdt het democratisch fatsoen, zoals het na 1945 is opgelegd, stand. Getuige de rede van de nieuwe CDU-bondspresident Wulff, gisteren bij de herdenking van de Duitse hereniging in 1990. Maar wat gaat er inde plaats komen van de afbrokkelende CDU-CSU?
Italië
In de tweede helft van de veertiger jaren, en opnieuw in het midden van de zeventiger jaren, werd de Italiaanse Democrazia Cristiana met massieve hulp van westerse bondgenoten in het zadel geholpen en gehouden tegenover de dreiging van regeringsdeelname van de machtige en gematigde Communistische Partij van Italië. Begin van de negentiger jaren was dat blijkbaar niet meer nodig. De gecorrumpeerde oude garde van de DC verdween bijna spoorloos, evenals die van de even gecorrumpeerde sociaaldemocratische partij van Nenni c.s. Italië werd overgelaten aan de aartspopulist Berlusconi, die de meerderheid van de oude DC wist in te lijven. Ironischerwijze, zijn het nu nog slechts de ex-neofascisten van Fini, die binnen de rechtse meerderheid weerstand bieden aan "il Cavaliere'. De kerk beperkt zich tot wat pruttelen, als Berlusconi weer eens uitglijdt.

Zonder de protestanten tekort te willen doen, is het toch vooral de katholieke stelling, dat de maatschappij niet beheerst dient te worden door winstbejag, die vanaf het begin van de twintigste eeuw aan de Westeuropese christendemocratie vleugels heeft gegeven. De sociale markt-ordening, met een maatschappelijk middenveld dat excessen van het monopolisme voorkomt, was een halve eeuw lang de vertaling daarvan en de sociaaldemocratie heeft zich in hoge mate daarbij aangesloten.
Toen in de tachtiger jaren onder Reagan en Thatcher de kille egocentrische maatschappelijke ordening weer de overhand kreeg, had de christendemocratie daarop geen sluitend antwoord.

Een nieuwe generatie christendemocraten, waarvan Balkenende, Leterme, Bayrou en hun Duitse- en Italiaanse collega's de vertegenwoordigers zijn, bekent zich 100% tot de zogenaamde vrije en onsolidaire marktordening, neemt de populistische en nationalistische, zelfs racistische, modes van de dag over. De christendemocratie heeft afgedaan als stabiliserende factor in de continentale Europese wereld. Erger nog, ze klemt zich in haar doodsstrijd vast aan duistere nationalistische en suprematistische bewegingen, legitimeert die en vergroot de democratische crisis. Bij de slepende regeringsonderhandelingen in België bij voorbeeld, weigert de relatief nog altijd grote CD&V om zich los te maken van de overdreven Vlaams-Nationalistische eisen van het NV-A. Daarmee maakt ze een Vlaams meerderheidsfront van "redelijkheid" van Socialisten, CD-ers, groenen en liberalen onmogelijk. Naar het schijnt, alleen omdat ze bang is, nog meer kiezers ann Dewever te verliezen.

Een voorlopig hoogtepunt bij het stervend christendemocratisch opportunisme, werd in het Nederlandse Arnhem bereikt op 2 oktober 2010. Het CDA, bijna gehalveerd bij de laatste verkiezingen, bekeerde zich met twee-derde meerderheid, tot een ronduit rechts regeringsprogram, gelardeerd met racistische pesterijen jegens moslims uit de koker van Wilders' Stichting PVV, wiens 24 kamerleden via "gedoogsteun" de regering in het zadel kunnen houden of wegsturen.

Een symbool van de nieuwe a-culturele en a-solidaire mentaliteit vormde op het congres de aftredende CDA-minister van Verkeer, Camiel Eurlings, die het bestond, om een soort militair saluut aan de interim-partijleider Verhagen te brengen. De christendemocratie vaardigt niet meer mensen met een geweten-, maar mensen met een hang naar hiërarchie en blinde gehoorzaamheid, af naar parlement en regering.
De Wildersen, Dewevers, Berlusconis, Sarkozys en straks wellicht de Sarrazins, doen daar hun voordeel mee.

En begrijp me goed: Deze ontwikkeling heeft niets te maken met het Christendom an Sich. Net zo min als de misdadige akties van Al-Qaeda iets te maken hebben met de Islam an Sich. Godsdienstige normen en waarden behoeven geen aparte partijen, net zo min als niet-godsdienstige humanistische waarden. Politiek gaat over keuzes, die verkozen mensen moeten maken vanuit de waarden die ze delen met hun kiezers. Niemand heeft de moraal in pacht. De tegenwoordige Christendemocraten geven een slecht voorbeeld.
. .

26 oktober 2009

Stad Brussel: Afgeknepen door de Maddens-Doctrine?

Vlaamse regeringspartijen aanvaarden stilzwijgend de "Maddens-doctrine" van Bart de Wevers N-VA

(Overgenomen door Medium4You, Brussel, 26/10/09)

't Is al weer een tijd geleden, dat ik over mijn bedreigde stad schreef. M'n stukken zijn terug te vinden in de Bruxsel-collectie op HUIBSLOG [NL en FR]. Medium4You nam er ook een aantal van over.
Ik onderzocht een paar strategieën, die Brusselaars zouden kunnen aannemen, om hun regio in België als het ware "weer op de kaart te zetten". Dat is hard nodig, want de opeenvolgende "staatshervormingen" van 1977 tot heden, concentreerden zich op het "afkopen" van de Vlaams-nationale- en Franskiljonse eisen, ten koste van het "federale" (i.e: het regerings-) niveau. Brussel, beperkt tot zijn 19 kleine stedelijke gemeenten, bleef daarin een "blinde vlek". In grote meerderheid Franstalig, wordt het stedelijk gebied omringd door het Gewest Vlaanderen. Dat laatste heeft niet echt een "Brussel-strategie", behalve dan de oprichting van een soort ijzeren gordijn rond de uitdijende stad, die 20% van het nationale product genereert.

Brussel meer dan ooit het kind van de belgische "staatshervorming"srekening...
In de afgelopen jaren, werd deze virtuele "scheidingsmuur" niet alleen gehandhaafd, maar zelfs verhoogd. Ik kreeg er voor het eerst mee te maken, toen in de negentiger jaren de "decreten-Peeters" (vernoemd naar de Vlaamse regionale minister, een sociaaldemocraat, van dat moment) de gemeentebesturen van - vaak in meerderheid Franstalige- - randgemeenten van de Brusselse agglomeratie die geografisch bij het Vlaamse Gewest horen, allerlei pesterige beperkingen oplegden bij het gebruik van de Franse taal in de communicatie met hun burgers. Argument: "Dan moeten ze eindelijk maar eens Nederlands leren...". Let wel, het gaat hier om Franstalige Brusselaars en (tijdelijke) immigranten die bij de Europese en internationale instellingen werken.

Hoewel ik alle begrip heb voor de historische frustraties van mijn Vlaamse taalgenoten, die eeuwenlang, tot in de zestiger jaren van de vorige eeuw, qua bevolkingsgroep achtergesteld werden door de Franstalige elites, vond (en vind ik nog steeds) dergelijke pesterijen ten koste van minderheden, absoluut niet kunnen. Wat is het verschil met de negentiende-eeuwse praktijken, die het spreken van Nederlands op de koer van Gentse gymnasia (lycea) verboden?

De Raad van Europa is het met me eens. Twee fact-finding commissies van die Raad kwamen tot dezelfde conclusie. En een veeg teken is, dat de Vlaamse regio nog steeds weigert, om het minderhedenstatuut van de Europese Unie te ondertekenen! Daardoor kan ook de Belgische staat dat niet doen. Maar wel braaf mee-kapittelen met de andere EU-staten, als de Turken, de Bosniërs of de Roemenen moeite hebben met datzelfde minderhedenstatuut!

Het onderschatte fenomeen Bart De Wever en zijn N-VA
Het bontst aan Vlaamse zijde, maakt het, opmerkelijk, niet eens het Vlaams Belang, maar het "N-VA" geheten politieke vehikel van neo-conservatief Bart de Wever. Deze would-be intellectueel steelt de show met uitspraken, als dat Brussel geen recht heeft op een eigen regio, omdat het "het product is van het Belgicisme". Dat laatste is, volgens een andere uitspraak van deze cynische politicus, het gevolg van de "ramp" van 1830. (In 1830 maakte België zich van het Koninkrijk der Nederlanden los door middel van een opstand, geleid door grotendeels verlichte Franstalige en Nederlandstalige geesten. HR). Wie 1830 een "ramp" noemt, ontkent de geschiedenis van dit land, ontkent de gemeenschappelijke identiteit van Walen, Brusselaars en Vlamingen. Een culturele identiteit, die wel degelijk bestaat. Bewijs: De al-Belgische Witte Marsen van de negentiger jaren naar aanleiding van het schandaal-Dutroux. En er is nog zoveel meer, waarvoor hier geen plaats is.

Ik ga op de rücksichtslose opvattingen van de heer De Wever in, niet omdat ik geloof, dat het België van "papa" nog een toekomst heeft. Maar zolang de Europese Unie nog een Unie van autonome Staten is, is dit land ertoe veroordeeld, als 27ste staat zijn rol als staat te vervullen, wil het niet telkens weer slachtoffer worden van zijn geringe omvang in het kader van de genadeloze Europese concurrentie tussen staatseconomieën, waarin het recht van de sterkste geldt. De energiesector wordt al genadeloos uitgebuit door het Franse Suez-concern. Belgische banken verdwijnen als sneeuw voor de zon: BBL werd ING (Nederlands). Tele2 (Vlaamse provider) werd Amerikaans. Fortis werd deels Frans, deels Nederlands. De heren De Wever weten heel goed, dat de Vlaamse onafhankelijke mini-staat die ze zeggen te willen, op deze markt, dit strijdtoneel, nog zwakker zal staan dan het huidige België. Maar dat kan hun niet schelen. Korte-termijn-spelletjes, zoals het kartel met de CD&V van de ongelukkige heer Leterme, hebben de voorkeur. De surrealistische Belgische niet-regeringsvorming in de jaren 2007-2008 is een voorbeeld van hoe de staart met de hond kwispelen kan. In casu: hoe de N-VA kartelpartner CD&V alle hoeken van de kamer liet zien, voordat ze zichzelf bekeerde tot de Maddens-doctrine.

Dr Folamour Strangelove Maddens' Untergangsphilosophie
Deze strategie gaat uit van een "Verelendungs"-scenario. Waar er in Vlaanderen geen meerderheid in zicht is voor een afscheiding van België, zeker niet, als men zich bewust wordt van de economische en politieke gevolgen daarvan, bepleit Professor Folamour (Strangelove) Maddens (what's in a name?) van de katholieke Vlaamse Universiteit van Leuven een stiekeme afbraakpolitiek van de centrale regering en dus ook (maar dat wordt niet gezegd) van het welzijn van de 1,2 miljoen Brusselse landgenoten, waaronder niet weinig Vlaamsche taalgenoten.

In een normaal land, zou het huis te klein zijn. Stel je voor: een Servische professor aan de universiteit van Banja Luka (Servisch Bosnië) ontwikkelt een plan, om door de Servische autonomie maximaal uit te buiten, de regering in Sarajevo machteloos te maken. De Belg Serge Brammertz, van het Haagse Joegoslavië-tribunaal, reserveert al vast een cel voor die man in de Scheveningse strafgevangenis!

Maar in België mag dat allemaal. En, tot mijn grote teleurstelling: sociaaldemocraten, de SP-A, doen hartelijk mee! Sinds deze zomer zitten ze samen met CD&V en N-VA in de Vlaamse gewestregering. Plannetjes maken, om een Vlaamse kinderbijslag, een Vlaamse zorgverzekering, en, -eerder-, een Vlaamse jobkorting in te voeren: Sociale ongelijkheid veroorzaken en verergeren! Want, bij voorbeeld, Nederlandstalige Brusselaars die belasting betalen onder andere aan de Nederlandstalige gemeenschap, kunne van die gunsten geen gebruik maken, of, alleen op aanvraag! Om maar te zwijgen van niet-NL-talige inwoners van Brussel die dagelijks samenwerken in de Brusselse instellingen met 240.000 Vlaamse pendelaars!!! Kunnen de Vlaamse socialisten het woord "so-li-da-ri-teit" nog spellen?

Het kostbare Belgische appeasement-systeem: Naar een staatsbankroet?
En waar komt, als men vragen mag, het geld daarvoor vandaan? Wel, in hun appeasement-ijver, hebben opeenvolgende nationale regeringen de Vlaamse regionale eisen afgekocht met extra geld en bevoegdheden, die vervolgens weer moesten worden gespiegeld met de Franstaligen (Walen). Al in het begin van de negentiger jaren, na het monetair Verdrag van Maastricht, werden opeenvolgende Belgische premiers (Martens, Dehaene, Verhofstadt) door hun collega's gewaarschuwd voor de ver boven de Maastricht-grens gestegen staatsschuld van België. In 1999 overtrof die nog de jaarlijkse bruto-inkomsten (meer dan 100%, terwijl de Maastricht-grens 60% bedraagt). De paarse Verhofstadt-regeringen van na 1999 konden alleen vooruitgang boeken, door staatsbezittingen te verkopen. De scheve financiële verdeling (kosten voor pensioenen, etc. voor de federale regering, maar veel inkomsten voor de regionale-) bleef bestaan.
En dan hebben we het eigenlijk alleen nog maar gehad over Vlaanderen. Maar wees gerust, er zijn nog andere boosdoeners!

Bijna al de Maddens-spelletjes gaan over de rug van Brussel...
Intussen, u zag het al, werd de regio Brussel het weeskind. De beide grote regio's Vlaanderen en Wallonië, hebben, elk in verschillende vorm, de ambitie om "samen" de blinde vlek "Brussel" te besturen. Wat moet er van het Belgische Weeskind worden, met zulke ruziënde Ouders? Gelukkig valt het arme kind nog voor een groot deel onder de zieltogende federale regering. Wat "gezamenlijk besturen" inhoudt, wordt echter al in de praktijk getoond door de "gezamenlijke" twee taalgemeenschappen in de CoCoF/V, die, buiten bevoegdheid van het Brusselse gekozen gewest, het onderwijs in de stad onveilig maken.
In een volstrekt ondoorzichtig institutioneel labyrint, beslissen (traag) volstrekt onbekende lieden, die nooit door mij gekozen zijn, over zoiets essentieels als het onderwijs aan mijn kind. Hoe zit dat? Als ik Belgisch, Nederlandstalig, staatsburger was, was ik bevoegd om te stemmen bij verkiezingen voor mijn gemeente, het Brussels Gewest en het nationaal parlement. Echter, het onderwijs is, evenals sociale uitkeringen, etc., een "personabele" aangelegenheid, die valt, niet onder gewesten, noch onder de centrale staat, maar onder (taal-) "gemeenschappen". Deze waren oorspronkelijk ingesteld, denk ik, om het gewestelijk gebieds-beheer (wegen, huizen, enz.) te scheiden van gemeenschappelijke belangen die niet met het gebied samenvallen. Maar al gauw zijn de "gemeenschappen", eerst in Vlaanderen, later in Wallonië Brussel-Frans, geannexeerd door de territoriale gewesten. Met als gevolg dat een niet door mij gestemd Vlaams gewest zich via gemeenschapsbevoegdheden inlaat met mijn sociale, culturele en onderwijs-belangen. Idem dito voor de Waalse kant.

Ik denk, dat een klacht bij het Europese Hof over deze surrealistische situatie, een goede kans zou maken om te worden gehonoreerd. Ik betaal belasting, en dan geldt: "no taxation without representation", is het niet?

Maar goed, terug naar professor Maddelove from Louvain. Zijn "strategie", openlijk en serieus besproken in de pers, betekent niet alleen een "uithongeren" van de nationale staat, maar ook: het uithongeren en afknijpen van de 1,2 miljoen Brusselse landgenoten, die niet, of onder onmogelijke voorwaarden, mogen profiteren van de Vlaamse manna. En al helemaal niet als ze Franstalig zijn. Kortom: Wallonië houdt het wel uit, onder de Vlaamse wurggreep, maar de nationale regering, de nationale belangen (defensie, buitenlandse zaken, Europapolitiek) en de agglomeratie Brussel, gaan de Verelendung in!

Zoals ik al aangaf, geloof ik niet in een herstel van het oude België. Enig alternatief is de mobilisering van de Brusselaars en hun bondgenoten zelf. Redelijke eis, is: volledige gewestbevoegdheden, inclusief tweetalige gemeenschapsbevoegdheden voor het Brussels Gewest. Tweede prioriteit: Uitbreiding van het Gewest met een goed deel van Vlaams- en Waals-Brabant. Maar eerste prioriteit eerst!

Pogingen to mobilisering en empowerment
Ik vond mijn ideeën voor een groot deel terug bij "proBruxsel" dat opkwam als partij bij de vorige gewestelijke verkiezingen. Veel verder dan ik het kon, werden problemen en oplossingen voor Brussel uitgewerkt (januari-mei 2009) in de "Staten-Generaal" van Brussel onder inspiratie van de onvolprezen tycoon Alain Deneef. De laatste werd beleefd aangehoord door de zittende politieke partijen. Die er verder niets zichtbaars mee deden. ProBruxsel nam naar mijn mening te snel de stap naar een politieke partij. De community-development werker in mij voelde aan, dat de woede onder Brusselaars groot-, maar de overeenstemming over wat te doen nog te gering is, om een beweging, een verandering binnen of buiten (of beide) de bestaande partij-afdelingen van Brussel te bewerkstelligen.

Mobiliseringsmodellen die kunnen werken voor Brussel...
Maar er is nog niets verloren! In deel 2 een excursie naar begin-zestiende eeuw, toen de Brusselse burgers weigerden om het Carnaval te beëindigen en de overheersing door de Bourgondische hertogen vanaf de Coudenberg bestreden.
Een model dat nog altijd kan werken...

10 februari 2008

België: Stakersregering ziet af van "minimale dienstverlening"

Stakers op een koopje?

(Didier Reynders en Yves Leterme: Wilde staking, of langzaamaan-aktie?)

Eén van de kernprogrammapunten van de oranjeblauwe regering, die er maar niet wou komen, was de wettelijke verplichting tot "minimale dienstverlening" die bij staking opgelegd zou moeten worden aan de stakers. Nu hebben we een programloze regering, die stiekem en stukje bij beetje dergelijke programmapunten probeert in te voeren.

Ik zou er op zich niet eens zoveel op tegen hebben, om, bij voorbeeld bij de spoorwegen, inderdaad zo een wettelijke verplichting op te leggen. De wilde staking van locomotiefbestuurders, die voor een deel de vakbondsdemonstratie in december tegen de geplande verslechteringen en de prijsverhogingen in Brussel saboteerde, is een voorbeeld van hoe nuttig iets dergelijks zou kunnen zijn.

Nieuw en ongehoord in de politieke geschiedenis: Regering staakt tegen kiezers wegens interne onenigheid!

Maar dan moet zo een verplichting wel gelden voor alle niveaus van overheidsverantwoordelijkheid. Met name voor de regering zelf, die de hoogste verantwoordelijkheid draagt. En juist daar schort het nogal aan, in het huidige federale België. Iedereen staakt daar tegenwoordig tegen iedereen. Zonder ook maar iets wat op minimale dienstverlening lijkt. Een slecht voorbeeld!

De NVA staakt tegen haar kartelgenoot CD&V, om een "vette (regionale) vis" af te dwingen bij Leterme's gemeenschappenakkoord (als dat er komt). De meerderheidspartijen van de Vlamingen staken tegen de Franstaligen, omdat die niet zonder meer het program van de CD&V willen uitvoeren. De Franstaligen staken tegen de Vlamingen, want ze willen helemaal geen staatshervorming. De SP.a staakt tegen de hele regering, want ze is te klein geworden.

Kortom, iedereen staakt tegen iedereen. En, net als bij spoorstakingen, is het eerste slachtoffer: het publiek.

Eigenlijk staakt dus een groot deel van de politieke klasse van het land tegen de eigen kiezers. Pruilende kinderen. "Jullie hebben verkeerd gekozen!"

Het oneindige geduld der Belgen

Belgen (Vlamingen zowel als Walen, geen onderscheid) zijn ongelooflijk geduldig met hun verkozenen. Er valt nauwelijks een protest te horen. De stakende ministers hebben het goed getroffen met hun achterban!

De stakingshouding sijpelt verder naar onderen door. Het parlement wordt bevolkt door goedbetaalde afgevaardigden, die niets beters weten te doen dan klagen, dat ze er voor piet snot bij zitten. Die zou je dus kunnen beschouwen als zogenaamde werkwilligen, die van de staking profiteren, door zich onbevoegd te verklaren. Maar sinds wanneer is een parlement afhankelijk van wat de regering voorstelt? Initiatiefrecht, budgetrecht, wetgeving - het zijn allemaal bevoegdheden die het parlement zelfstandig kan uitvoeren, zonder dat de regering daartoe een voorzet geeft.

Maar, op enkele uitzonderingen na, doet niemand wat. CD&V afgevaardigde Van der Leyen (Volvo) is al opgestapt. De man kreeg niets te doen. Schaapachtig wordt geaccepteerd, dat de onderhandelingen over de staatshervorming (en de economische politiek op middellange termijn, Reynders) zelfs niet in de halve openbaarheid van de Octopus-Groep worden afgewikkeld, maar in duistere 1-2 tjes in achterkamertjes, met ik weet niet welke gemaskerde machthebbers uit politiek en bedrijfsleven.

De Crem en Michel leven zich uit

De enigen die er lol in hebben zijn de ministers De Crem (Oorlog) en Michel (Ontwikkelingssamenwerking). Alletwee nieuw, jong en ambitieus. Michel Junior buitelt enthousiast in het rond tussen Congolese dorpsbewoners. Kuifje redivivus. Pieter de Crem dacht even er tussendoor de Belgische buitenlandse politiek in atlantische zin te herzien, door 4 F16s naar het Zuiden van Afghanistan te sturen (Kandahar), maar moest gisteren in de parlementaire commissie toegeven, dat deze vliegtuigen niet de Nederlanders in Uruzgan zullen ondersteunen als die weer eens burgers bombarderen. Voor de Talibans is het dus zaak, om zich snel van hun partijkaarten te ontdoen, als de Belgische F16s eraan komen.

De ministers laten moeilijke dossiers liggen en doen waar ze zin in hebben

Leterme is langs slinkse en boosaardige wegen verantwoordelijk gemaakt voor het dossier van het vliegtuiglawaai rond Zaventem. Wat de man ook gaat voorstellen, het zal nooit aanvaardbaar zijn voor het Brusselse gewest en de Franstaligen in de gemeenten daaromheen. Oplossing van Leterme? Eén keer raden: Staken! Ik garandeer u, dat u voor 23 maart niets meer van Leterme op dit punt zult vernemen.

Triomf van het provincialisme

De provincie, het provinciale denken, heeft op alle linies gezegevierd. Steve Stevaert (de Morgen, vorige week), kon zelfs vaststellen, dat het voor "Limburgers onverdraaglijjk" aan het worden is, hoezeer de Brusselse politiek wordt gedomineerd door provincialen.

Ik ben niet zo gauw geneigd, om de Limburger te volgen in zijn kort-door-de-bocht redeneringen. Maar als ere-provinciaal Steve het vanuit zijn Euregio zo ziet, dan moet er toch wel iets van waar zijn...

Brussel

Voor de stad en het gewest Brussel is dit alles nog onverdraaglijker. Er schjnen drie "luiken" te zijn in de gemeenschapsonderhandelingen. Eén daarvan is "Brussel". Piqué is een uurtje gehoord door het stakerskoppel Reynders-Leterme, toen bedankt en weer naar huis gestuurd. De anderhalf miljoen inwoners va groot-Brussel weten van niets. De bevoegdheden die geregionaliseerd zouden moeten worden, zijn voornamelijk persoonsgebonden-, dus gemeenschaps-bevoegdheden. Wat betekent, dat er nog meer onderdelen van het dagelijks leven van elke Brusselse inwoner geregeld zouden moeten worden in de ondoorzichtige circuits van coördinerende intergemeenschappelijke instanties (pensioenen, uitkeringen, enz.), daar immers Brussel geen eigen (meertalige) gemeenschap is.

Eigenlijk is het erger dan een klassieke staking: het is een bedrijfsbezetting!

De provincialen (Leterme met het oog op de NVA van Dewever en Reynders met het oog op het behoud van de grootste fractie in Wallonië) bezetten de regeringsposten, met uitsluitend het oog op winst (of vermijden van verlies) in hun provincies. En Verhofstadt weet niets beters te doen, dan in de wereld klanten te gaan werven voor de nog niet eens ingevoerde "notionele rente", die van België een soort offshore-land moet gaan maken, waarbij de bevolking evenveel gaat profiteren als de burgers van Saoudi-Arabie van de olie-inkomsten. (Buitenlandse investeerders krijgen grote belastingkortingen, te betalen door de gewone Belgische belastingbetaler, HR).

Ongedisciplineerde bedrijfsbezetting

Realisme zou vereisen dat er snel nieuwe federale verliezingen komen. Het nieuwe surrealisme van de geheime Octopus-achterkamers mijdt nieuwe verkiezingen als de pest.

Belgen van Midden, Noord en Zuid: Ze spelen met uw voeten!




Technorati Tags: , ,

Powered by ScribeFire.

15 januari 2008

Europese Hoofdstad Brussel in de tang van provinciale politici. Wat Brusselaars zelf zouden kunnen doen.

Een schijnbaar lokaal probleem (België, Brussel), neemt Europese dimensies aan. Daarom (her)publikatie hier van mijn "manifest" aan mede-Brusselaars, ook gepubliceerd in De Lage landen, HUIBSLOG en bij Medium4you. Franse versie bij Toto Le Psycho, L'Europe Chez Soi en HUIBSLOG (13.1.08).

"Elk nadeel heb z'n voordeel": Nadeel van de Brusselse tweetaligheid is, dat je, als niemand anders dat voor je doet, zelf je stukken moet vertalen. Dat doe ik dus nu.

Het moet. Want ik doe niet mee aan het pasklaar maken van opinies, al naar gelang die in het Frans of in het Nederlands verschijnen. Ik geloof vast, dat mijn bescheiden opinie zowel franstaligen als nederlandstaligen kan aanspreken. Dit is de proef op de som. Er zijn twee dagen voorbijgegaan sinds ik m'n franstalige noodkreet, die hier wordt vertaald, openbaar maakte. Er zijn reacties, ook via medium4you, en er zijn nieuwe Nederlandstalige aanknopingspunten, die ik in dit stuk zal verwerken. Dat is een voordeel. Een voordeel van het nadeel, dat je minstens twee keer spreken moet, zou je kunnen zeggen.

Het begon allemaal op een Brusselse dag, een dag als elke andere. Een schijnregering gevormd, iedereen gerustgesteld, maar mijn stad nog verder gemarginaliseerd. In october nog, had ik m'n franstalige lezers opgeroepen, om niet bang te zijn: De Belgen redden zich wel zelf, op onnavolgbaar surrealistische wijze. Maar ik begon te twijfelen aan mijn eigen geruststellende woorden. De twee grote gewesten/taalgemeenschappen komen er misschien wel samen, over onze hoofden heen, uit, dat is waar. Maar België is meer, veel meer, dan Namen en het Martelaarsplein.

Daar is met name het fenomeen Brussel: Internationale stad, economie geglobaliseerd, levend bij practische tolerantie van anderstaligheid, van de ontmoeting van culturen, terend op het cosmopolitisme van haar grote bourgeoisie, die unieke stad, die al lang het onbetwiste economische, sociale en culturele keurmerk is van België, ja, ook meer en meer van de Europese Unie - wat moet er van haar worden, als provinciale politici over haar hoofd heen surrealistische compromissen gaan sluiten?

Neem me niet kwalijk, gulle Belgische gastheren en -vrouwen, dat ik het woord neem. Ik denk echt niet dat u er zelf niet uit kan komen. In 2008 zal uw nieuwste surrealistische oplossing van de communautaire vraagstukken, vriend en vijand verbazen, daar ben ik zeker van.
Ik deel evenwel met mijn Brusselse stadgenoten, die me het gemeentelijk stemrecht hebben toegekend in mijn kwaliteit van EU-burger, een groeiende ongerustheid over wat er van Brussel moet worden, nu er onder de onderhandelaars over de nieuwste staatshervorming, niemand is, die echt voor Brussel gaat, en dan hebben we het over 20% van het nationaal product. Zonder Brussel is België nergens, en dat geldt voor beide grote gemeenschappen, in Noord en in Zuid nog meer.

Brussel is niet vertegenwoordigd aan de onderhandelingstafels die over haar lot beschikken
De twee grote gewesten en gemeenschappen, die respectievelijk territoria en taalgemeenschappen bestrijken, gedragen zich, via degenen die zich als hun federale politieke vertegenwoordigers beschouwen, als twee gehuwden die in scheiding liggen, maar trachten een "leef-arrangement" te arrangeren. Daarbij wordt in de hitte van de discussie voorbijgezien aan de kinderen, de huisdieren, de opinie van de buren en de diverse huishoudboekjes. De stad Brussel, die van beide ouders wellicht het beste uit hun chromosomen verenigt, is een mondig kind. Als het echtscheidingsrecht toepasbaar zou zijn, dan zou ze al lang haar eigen plek hebben aan de onderhandelingstafel.

Maar Brussel is er niet echt bij. En wat misschien nog wel erger is: Als ze erbij was, wat zou ze naar voren brengen? Want Brussel heeft geen project. De Brusselaars zijn op geen enkele manier gemobiliseerd. - Nee, ik vergis me: Er is een indrukwekkend protest geweest, maandenlang, van Brusselaars die de nationale driekleur (zwart-geel-rood) over ramen en balkons hebben gehangen. Een echt, indrukwekkend en beschaafd Belgisch protest. Zoals mijn nieuwe landgenoten, die van Zuid en die van Noord, die weten op te zetten, bouwend op een historie van vreemde overheersing en ervaring met zelfredzaamheid. Edoch, het vlaggenprotest heeft één groot nadeel: 't Verwijst naar een historisch België, een harmonisch België dat nooit bestaan heeft. Je zou het opnieuw kunnen bedenken, maar niet meer kunnen maken. Mooi als symbool, maar geen enthousiasmerend project. En er is nood aan een project, hoe bescheiden ook, voor een land en een stad in het raamwerk van het Eureopa van de 21ste eeuw, niet dat van de negentiende of de twintigste...

Wat er op het spel staat en wat er kan worden uitgespeeld
't Gaat om een stedelijke agglomeratie van 1,2 miljoen inwoners (op de Belgische 10 miljoen), die, zoals gezegd, 20% van het nationale product voortbrengt, internationaal beschouwd wordt als de (toekomstige) hoofdstad van Europa en die nu al "hoofdstad" is van vrijwel alles en niets: de NATO, Vlaanderen, de EU... De economische uitstraling van Brussel domineert zeker in een perimeter van 100 kms, zowel in Noord als in Zuid. maar de invloed van de nieuwe rol van Brussel gaat verder: tot in Luik, Aken, Maastricht, Eindhoven, Luxemburg, Valenciennes, Rijsel, Oostende doet ze zich gevoelen. Daar zou je voorzichtig mee moeten zijn. Misschien een beetje meer luisteren naar de inwoners van de agglomeratie en naar al degenen die er direct (als pendelaars - 360.000!) of indirect (dienstverlening) van afhankelijk zijn?

't Moge zonder veel betoog duidelijk zijn, dat noch de Waalse- noch de Vlaamse regio ooit exclusief eigenaar van Brussel kunnen worden. Ze zijn het nu, een beetje te veel, "gezamenlijk". Een eventuele echte scheiding zal zich dus voltrekken zonder Brussel als hoofdprijs. De gevolgen daarvan worden noch door Wallonië, noch door Vlaanderen, ooit berekend. Maar vraag eens aan echtelieden die in scheiding liggen, om rationeel te zijn?

Rudy Aernoudt
is de bekende tweetalige en hyperactieve filosoof, communicatiedeskundige en econoom, die laatstelijk (in het Frans, komt er een Nederlandse uitgave?) een boek uitgaf met als titel: "Bruxelles, l'enfant mal-aimé de la Belgique" (Brussel, het onbeminde kind van België). Slachtoffer van Leterme's geborneerdheid en weggezonden als hoge Vlaamse ambtenaar en op dit moment ambteloos burger, lanceert de man uitdagingen die me best bevallen. Maar het zijn niet de mijne, noodzakelijkerwijs. Aernoudt gelooft in vrije marktwerking, ook, en dat vind ik discutabel, als het gaat om concurrentie tussen overheden op een kunstmatige markt. Zijn voorstellen voor oplossingen projecteren rationeel-kiezende eenheden, die opereren vanuit winstmaximalisatie binnen een gegeven kader. Zij zouden moeten denken als "klanten", niet als gekozen vertegenwoordigers en beschermers van de belangen van hun kiezers. Dat is fout. En de werkelijkheid van "Intercommunales" bewijst dat.

Maar dat neemt niet weg, dat Aernoudt's boek aan de Belgen waarheden voorhoudt, die ze eigenlijk niet willen horen. Op basis van cijfers en statistieken, toont Aernoudt aan, dat de "overdrachten" van Vlaanderen naar Wallonië binnen de huidige federale staat, waar iedereen zich zo over opwindt, niets voorstellen. 3% van het PIBR (het regionale jaarlijkse regionale product per persoon) gaat op de een of andere manier naar de federale regering of naar Brussel en Wallonië! "Et Alors?", zou je kunnen zeggen. Een hypothetisch onafhankelijk Vlaanderen zou ongeveer hetzelfde extra moeten bijdragen aan de vereveningsfondsen van de Europese Unie ten behoeve van landstreken als Wallonië die zich moeten herstellen van de technologische ommezwaai van de 21ste eeuw...

Tel uit, je winst...

En wat zou dit allemaal betekenen voor Brussel? De personele belastingen in Brussel-19 brengen weinig op, want er zijn veel uitkeringstrekkenden en grote gezinnen. Maar de heffingen op consumptie (BTW) en op ondernemingen, des te meer. Als ooit al die zaken zouden worden geregionaliseerd naar de drie gewesten, dus ook naar Brussel, dan zouden Wallonië en Vlaanderen er bekaaid afkomen. Als we dan ook nog meerekenen, dat de 360.000 pendelaars die dagelijks Brussel binnenstromen om hun salaris te verdienen, niet in hun woonplaatsen, maar in de regio Brussel belast zouden worden, blijft er helemaal niets anders dan armoede over voor de Belgische Gewesten.

Daarom is het naar mijn mening helemaal niet nodig om bescheiden te blijven als Brusselaars. We hoeven echt niet mee te gaan met de oplossingen die Aernoudt, en ook Verhofstadt, voorstellen. Die oplossingen komen erop neer, dat een federale staat gunstige voorwaarden schept voor prestatiecontracten en andere ondoorzichtige dingen tussen gewesten, gemeenschappen en andere prachtige nieuwe configuraties, zoals stedenbanden (stadsgemeenschappen - communautés urbaines).

"Ende gij geleuft dat?"
Dat komt neer op een zandbak-kapitalisme, zoals ik dat maar al te goed ken vanuit mijn praktijk als (her)ontwikkelaar van stedelijke probleemgebieden. Ondoorzichtig, en daarmee ondemocratisch. Vreselijk vatbaar voor regionalisme en erger: combines en zelfs corruptie (denk aan Charleroi!). Een federale autoriteit die dat alles zou moeten reguleren, is afhankelijk van plaatselijk en regionaal gekozenen. De laatsten, zelfs als ze van goeden wille zijn, kunnen zich niet onttrekken aan regionale belangen en die van hun herverkiezing. Dat werkt van geen levensdagen. Het zou een ideaal speelveld worden voor de Van Cau's.

Wil je verkozenen laten handelen als ondernemers? - Onmogelijk en gevaarlijk!
Ik begrijp de mensen die in de ondoorzichtige Belgische chaos, geen andere uitweg zien dan "marktwerking". Aernoudt, die van de Chicago-school is, bejubelt in zijn boek te pas en te onpas die belegen manier van evocatie van de "invisible hand", die voor ons alles gladstrijken zal. Als het om overheden van verschillende niveaus gaat, geloof ik daar voor geen meter in. Als ambtelijk verantwoordelijke voor het Nederlandse wijkontwikkelingsbeleid van grote steden in de tachtiger jaren, heb ik meegemaakt, wat "contracten" tussen overheden (en het bedrijfsleven, zoals ook Aernoudt zich voorstelt) werkelijk betekenen. Gemeenschappelijke objectieven zijn snel vergeten en niet of nauwelijks afdwingbaar, honderden miljoenen verdwijnen in ongetwijfeld nuttige zaken, maart blijven onnaspeurbaar en on-evalueerbaar. Voor dergelijke projecten heb je een sterke staat nodig, zoals in Frankrijk of in Engeland. De Belgische federale staat, zoals die nu is, zal geen enkele controle hebben.

Solidariteit ondergeschikt maken aan gewestelijke hobbies?
Dit alles speelt zich af binnen het kader van een ideologie, die de solidariteit trussen personen op zijn kop zet. De Christendemocratie (niet alleen in België), heeft zich bekeerd tot de idee, dat de "profiteurs van de sociale voorzieningen" de solidariteit ondermijnen. De èchte solidairen zouden diegenen zijn, die weigeren om ongehuwde moeders, drugsverslaafden en veronderstelde werkonwilligen verder te subsidieren. Ze beschermen de welvaart tegen profiteurs. De laatsten moeten zich maar tot het Leger des Heils wenden. De onderstandsbehoeftigen zijn de ondermijners van de solidariteit. Waarom? Juist, omdat ze onderstandsbehoeftig zijn...

Aernoudt positioneert zich duidelijk aan de kant van die verontwaardigde burger. Zijn boek staat vol van excursen daarover. Ik vind, dat het gaat over een vergelijking van appelen en peren: Natuurlijk is het nodig, om misbruik van sociale voorzieningen à la Dutroux te bestrijden. Geen twijfel daarover. Maar sociale voorzieningen, interpersonele solidariteit, zijn nu juist wel datgene wat het Europese project onderscheidt van het Amerikaanse. organisatie van de solidariteit is een uitdaging, maar het is geen onmogelijke. We zijn rijk genoeg, oml iedereen een bestaansminimum te garanderen. Je moet het alleen wel willen.

Een "vermarkting" van de verhoudingen tussen lokale entiteiten lost niets op
Aernoudt citeert met welgevallen Thomas Friedman, een journalist van The New York Times die een boek schreef, getiteld: De Wereld is Plat. Platter analyse van de huidige wereldproblemen is zelden opgeschreven. Alles komt goed, als je de economie maar haar gang laat gaan. Delocalisering, bij voorbeeld van de spraaktechnologie (Lernout & Hauspie), naar India zou goed zijn, zolang het Westen maar de leiding houdt. Het Westen? De CIA, zal je bedoelen! Bij het huidige proces in Gent blijkt, dat L&H door Duitse en Amerikaanse geheime diensten werd ondermijnd. De globale markt is geen voetbalveld, waar een onbevooroordeeld scheidsrechter beslist. 't Is hard knokken, om jezelf te handhaven. Brussel speelt mee in de top liga van de wereld. Gaan provinciale en geborneerde politici als Leterme en [MR] nu de ruimte voor Brussel bepalen? De grootmachten zullen lachend hun dank betuigen voor dat cadeau.

Waarop we niet hoeven te wachten...
De ideale oplossing voor de huidige Belgische problemen zou ongetwijfeld bestaan uit een soort "reinventing government": de schepping van een regering die ook echt werkt, naar beneden, voor de burger, naar boven, naar het Europese vlak en horizontaal, met de landsdelen. Ik denk niet, dat zoiets voor morgen is. Misschien, dat het Europese niveau daaraan iets zou kunnen bijdragen. Ondertekening eisen van het minderheden-verdrag, dat België weigert te ondertekenen vanwege B-H-V. Interveniëren in het schandaal van de niet-benoemde burgemeesters in de Vlaamse Brusselse Rand. Maar het heeft geen zin om te wachten op een positieve interventie vanuit Europa. Naar mijn mening, moeten de Brusselaars beginnen, om het zelf te doen.

Brussel uitbreiden...
In de eerste plaats, zal het daarbij gaan, om de mensen die in de internationale Brusselse gemeenschap leven, te verenigen. Dat zijn niet alleen de inwoners van het huidige Brusselse Hoofdstedelijk Gewest (de 19 gemeenten), maar ook de inwoners van een hele rij gemeenten daaromheen. Het gaat om mensen, die zich sedert eeuwen NIET definieren vanuit de taal die ze thuis spreken, maar die zich deel voelen van een gemeenschap, die grootstedelijk is, los van taal en grond. In de afgelopen jaren is die gemeenschap versterkt (ja, versterkt, niet verzwakt!) door de instroom van tienduizenden anderstalige Europeanen. Het geldt, die te integreren, hen zich in Brussel thuis te laten voelen. Noch Vlaanderen, noch Wallonië, hebben zich ooit op geloofwaardige wijze opgeworpen om die operatie te laten slagen. We moeten dat zelf doen.

Houden we het dus bij Brussel zelf en laten we de gewesten/gemeenschappen van de provincies hun eigen ding doen. Niemand zal bestrijden, dat grote delen van Vlaams- en Waals-Brabant niets anders zijn dan Brusselse voorsteden. Daar wonen mensen die werken in Brussel en hun verdiensten meenemen naar de gemeente waar zij wonen. Maar vanwege het Belgisch-historische compromis, kunnen ze hun burgerrechten maar beperkt uitoefenen. Ze behoren te worden opgenomen in een niet-taalgedefiniëerd Brussels arrangement. De urbanistische en financiële problemen die de opsluiting van Brussel binnen de grenzen van de 19 gemeenten met zich meebrengen, rechtvaardigen een overeenkomst, waarbij degenen die objectief tot Brussel behoren, dat ook werkelijk kunnen zijn. Uitbreiding van het Brusselse Gewest dus, zo niet territoriaal, dan toch via een Gemeenschap, waarover we hieronder te spreken komen.

...door een eigen niet-linguistische Gemeenschap te vormen
De Belgische staatsordening kent Gewesten voor "niet-personnabele" aangelegenheden, zoals ruimtelijke ordening, etc., en Gemeenschappen, gedefinieerd naar taal, voor "personnabele" zaken, zoals uitkeringen en onderwijs. Brussel is een Gewest, maar geen Gemeenschap. Op zich logisch, want Brusselaars spreken niet allemaal thuis dezelfde taal. Als je de cijfers neemt, dan zijn 8.5% van de Brusselaars geheel Nederlandstalig en 36% geheel Franstalig. Geen puur franstalige meerderheid, dus. Meer dan de helft voelt zich tweetalig. Maar daar is geen Gemeenschap voor. Tweetalige partijen en taaltellingen zijn zelfs grondwettelijk verboden!

Afgezien van het feit, dat ik taalgedefiniëerde gemeenschappen onzin vind, kan ik begrijpen, dat met name de Vlaamse landstreken van België zich hebben willen ontworstelen aan de houdgreep van de franstalige bourgeoisie en adel. Voor de stad Brussel is die weg via de taal (talen) niet mogelijk. Brussel's emancipatie verloopt via niet-linguistische lijnen. dat behoort te worden erkend.

Niet: Vragen, maar: Doen!
Moet Brussel daarom aan de Frans- en Nederlands-taligen beleefd vragen, om een eigen statuut te mogen hebben? - Ik denk van niet. Dat heeft weinig zin. Ik denk, dat de enige uitweg is, gewoon zelf een Brusselse veeltalige Gemeenschap te stichten, n'en déplaise le FDF, en die van onderop te laten werken. Weg met de COCOF, weg met de Vlaamse bevoogding via de COCON! Weg met de intergemeenschappelijke coordinatiecommissie tussen de Gemeenschappen voor Brussel, waarvan ik de naam niet kan uitspreken!

Wat is dat voor onzin, dat een muziekconcert voorbehoudenn is aan een taalgemeenschap? Waarom kan ik niet me aansluiten bij hetzelfde ziekenfonds als mijn buren? Mijn gemeenschap, dat zijn de mensen die ik tegenkom in de bistrot om de hoek, de vuilnismannen die mijn zakken komen ophalen, de puur franstalige schepen van civiele zaken, die zo gevoelig het huwelijk van mijn logée sluit. Gemeenschappen, die gaan over het gemeen, het gemeenschappelijke, en niet over wat ons zou kunnen verdelen. Wij Brusselaars hebben weinig of niets met gemeenschappen in het verre Namen of Antwerpen. We hebben wel iets met ze, we willen hen niet kwijt, nee, maar we hebben zo onze eigen manieren om de zaken te regelen. Daarom hebben we een eigen gemeenschap nodig. Met alles erop en eraan: Tweetalig onderwijs gericht op Europa, een cultureel leven dat zich ent op datzelfde Europa, eenvoudige arrangementen met de instellingen voor sociale voorzieningen, enzovoort.

Hoe?
Daarom is naar mijn voorzichtig en bescheiden inzicht, dat toch niet losstaat van m'n Amsterdamse rebelse achtergrond, de meest eenvoudige en humane oplossing deze, dat we in Brussel gewoonweg zelf een "Gemeenschap" oprichten, daarvan de ministers verkiezen en het bijbehorende geld opeisen van de federale Staat. Die gemeenschap, ik zeg het er maar even voor de duidelijkheid in deze nederlandstalige versie bij, zou meer omvatten dan de 19 gemeenten van het Brusselse territoriale gewest: Grote delen van Vlaams- en Waals-Brabant horen erbij.

Maar zo kunnen de grondwettelijk geheiligde territoriale taalgrenzen in stand blijven, doch alleen gelden voor "niet-personnabele" aangelegenheden. Iedereen die zich Europeaan, of Brusselaar voelt, daarentegen, zou moeten kunnen kiezen om te behoren to de derde, hybride "gemeenschap" van België. Dat zal pijn doen bij de verstokte francofielen en evenzeer bij de Vlamingen die via verstikking Brussel willen dwingen om voor hen te kiezen.

Ik denk dat niemand ons kan tegenhouden, als we echt, samen, willen.



Powered by ScribeFire.



Technorati Tags: , , , ,

10 januari 2008

Verhofstadt bouwt België om

Een hele bundel knuppels in het hoenderhok - de nota die ministerpredident Verhofstadt "voor eigen rekening" heeft gepubliceerd en voorgelegd aan het moeizaam zich vormende gezelschap dat onder leiding van de tweemaal als formateur mislukte Leterme de 'contouren' van een staatshervorming moet vastleggen voor de fatale datum van 23 maart 2008, wanneer Leterme volgens afspraak Verhofstadt zal opvolgen.

Wat in zeven maanden formatie-onderhandelingen niet lukte, omdat niemand van de deelnemende partijen het aandurfde, om ook maar een centimeter af te stappen van met anderen onverenigbare symboolpunten, is dan nu eindelijk uit handen gekomen van de man, die blijkbaar de enige staatsman is binnen de huidige politieke elite van België.

Als ik het goed begrijp, wil Verhofstadt de impasses doorbreken, door middel van de invoering van "marktwerking". Inkomsten en uitgaven zouden op en neer gaan volgens regels, die samenwerking tussen gewesten en gemeenschappen belonen, doch koppige prinzipienreiterei afstraffen. Met andere woorden: Nu handelen de regionale politici en bestuurders vaak irrationeel, maar door middel van de marktdiscipline zullen ze rationeler gaan optreden.

Het is ongeveer dezelfde politiek als die van de Europese Unie tegenover de nationale lidstaten. Bij gebrek aan wet- en regelgevende bevoegdheden, en in het bijzonder bij ontstentenis van de mogelijkheid om regels en wetten rechtsreeks toe te passen, reguleert men via begrenzing van belastingconcurrentie, loon-concurrentie en monopolieposities. De miljardenoverdrachten van de ene staat naar de andere terwille van het landbouwbeleid en de ondersteuning van achterblijvende regio's, dienen daarbij als wisselgeld.

Verhofstadt, aan wie men Europese ambities toeschrijft, heeft goed naar het EU-systeem gekeken. De voorstellen zullen de "overdrachten" van Vlaanderen naar Wallonië (netto ongeveer 3 à 6 miljard per jaar, 3% van het regionale PIB) niet doen stoppen, maar eerder in volume doen toenemen, denk ik. Maar ze zullen worden "verhuld" door tripartite (Vlaanderen-Wallonië-Federale Regering) samenwerkings-overeenkomsten en -contracten. Dat is ongeveer hetzelfde als wat door Rudy Aernoudt wordt voorgesteld in "Bruxelles, l'Enfant Mal-aimé". Op de verschillen en overeenkomsten komen we later nog terug.

Nu eerst wat delen van de goede samenvatting die Dagblad De Morgen vandaag geeft van de nota-Verhofstadt:
Het opzet van de nota is ambitieus. Zo gaat de lijst met over te dragen bevoegdheden een pak verder dan wat tot nu op de onderhandelingstafel lag. Verhofstadt wil niet alleen alle sociaaleconomische hefbomen bij de gewesten onderbrengen, inclusief een omvangrijke fiscale autonomie, maar hevelt ook belangrijke delen van het beleid omtrent mobiliteit, verkeersveiligheid, justitie en energie over, net als de
kinderbijslagen.
De bedoeling hiervan is, mijns inziens, om een effect tegen te gaan, dat ook in de EU veelvuldig optreedt, namelijk, dat de samenstellende onderdelen maar al te graag "leuke" beleidsterreinen voor zichzelf houden, en overigens de minder leuke naar het centrale niveau overhevelen, om daarbij vervolgens de "zwarte piet" te kunnen leggen. Voorbeelden zijn vreemdelingenbeleid en anticoncurrentie-maatregelen.
Daartegenover staan de herfederalisering van de geluidsnormen en ontwikkelingssamenwerking, een federale kieskring en convergentiecriteria. Die laatste moeten ervoor zorgen dat verregaande autonomie niet tot onbedoelde concurrentie tussen de regio's leidt. De regio's zouden hun pas verworven bevoegdheden slechts binnen federaal bepaalde grenzen kunnen uitoefenen. Minstens even fundamenteel is de herfinanciering van de armlastige federale overheid, onder meer door bevoegdheden niet met alle bijbehorende financiële middelen over te hevelen en de deelstaten zelf te laten betalen voor de gevolgen van hun beleid.
Het regionaliseren van ontwikkelingssamenwerking (en trouwens ook van export-beleid, inclusief wapens!) leidt tot zulke wanstaltige toestanden, dat het heel goed denkbaar is, dat de gewesten daar weer vanaf willen.
Hetzelfde geldt in nog sterkere mate voor de geluidshinder, met name die rond het Brusselse internationale vliegveld Zaventem. Dat ligt op Vlaams grondgebied, maar de vliegtuigen vliegen ook over het gewest Brussel. Dat betekent in de Belgische configuratie, dat er twee gewesten verantwoordelijkheid dragen voor de "niet-personnabele" kant van het vliegverkeer, terwijl zich ook nog eens twee taalgemeenschappen met de "personnable" kanten bezighouden. Om maar te zwijgen van de tientallen gemeenten die ook zo hun bevoegdheden hebben. Zo wil het hoofdstelijk gewest Brussel veel vliegverker toelaten, mits het maar over Vlaanderen vliegt. Maar het wordt pas ècht leuk, als de Franstalige inwoners van de Vlaamse noordrand van de Brusselse aglomeratie (die dus niet in het gewest Brussel wonen, maar vaak in een Vlaamse "faciliteitengemeente") in actie komen en gerechtelijke uitspraken afdwingen. Het is evident dat de huidige spelers er niet uit geraken, dus de ratio is met Verhofstadt, als hij voor herfederalisering pleit.
In de nota schetst Verhofstadt ook oplossingen voor tal van symbolisch geladen dossiers. Zo pleit hij voor een paritaire Senaat, een goedkeuring van het Minderhedenverdrag, een versoepeling van de rondzendbrief-Peeters en van de toepassing van de Brusselse taalwetten, en een onderhandelde oplossing voor Brussel-Halle-Vilvoorde met een beperkt inschrijvingsrecht.
Dit moet ik even uitleggen voor de Nederlandse lezers:
  • Een paritaire senaat (evenveel Frans- als Nederlandstaligen) zou permanent Vlaamse meerderheidsbesluiten met grondwettelijke strekking van het parlement kunnen tegenhouden.
  • Het Minderhedenverdrag van de Europese Unie legt minimum-rechten vast voor nationale minderheden. Het is door België niet getekend, omdat de Vlamingen vinden, dat de Franstaligen in de Brusselse Rand geen "minderheid" zijn, en dus niet zouden mogen genieten van het recht op het gebruik van eigen taal en dergelijke. In Nederland zijn de Friezen en zelfs de Saksen wel als zodanig erkend.
  • De "rondzendbrief-Peeters" staat hiermee in verband: Daarin wordt aan de gemeentebesturen van de "faciliteitengemeenten" en de andere randgemeenten rond Brussel voorgeschreven, om overheidscommunicatie alleen op jaarlijks uitdrukkelijk herhaald verzoek, aan Franstaligen in het Frans te verschaffen. Naar mijn bescheiden mening, een uiterst domme politiek. De Nederlandse cultuur en de Nederlandse taal komen helemaal niet in gevaar, als de taal van een belangrijk deel van de inwoners van gemeenten wordt gerespecteerd. Ik denk eerder, dat het Nederlands er bepaald niet populairder op wordt.
  • Brussel-Halle-Vilvoorde (BHV) is een tweetalig verkiezingen-arrondissement, waartoe Brussel samen met een aantal Vlaamse gemeenten behoort. Men kan bij verkiezingen in het kieshokje kiezen voor Franstalig of Nederlandstalig. Tweetalige partijen zijn verboden! De Vlamingen willen nu, dat de gemeenten die tot het Vlaamse gewest behoren (en die soms een Franstalige meerderheid hebben), uitsluitend Nederlandstalige partijen op de kieslijsten hebben. Daarmee zou aan de Franstaligen de mogelijkheid worden ontnomen om op depolitici van hun keuze te stemmen. Verhofstadt stelt nu voor, om wel te splitsen, maar aan Franstaligen voor een beperkte tijd het recht te geven om zich voor de verkiezingen in te schrijven in het tweetalige Brusselse gewest.
  • In het eerdere citaat werd ook de "federale kieskring" genoemd. Die zou een mogelijkheid kunnen bieden voor mensen die zich niet willen binden aan één van de twee (grote) taalgemeenschappen, om bij voorbeeld bij Europese verkiezingen op een willekeurige goede vertegenwoordiger van België te stemmen, in plaats van op een lokale grootheid.
De Morgen, tenslotte:
"Enkel de huidige communautaire grenzen en de solidariteit worden niet in vraag gesteld. Over een regionalisering van de gezondheidszorgen of de uitbreiding van
Brussel
wordt dan ook met geen woord gerept."
De uitbreiding van het gewest Brussel, of, liever gezegd, het beëindigen van de verstikking ervan, wordt in Verhofstadt's ogen opgevangen door de al genoemde dwang tot samenwerking tussen de gewesten uit economische motieven.

Zoals u al begrepen zult hebben, geloof ik daar totaal niet in. Lokale politici handelen niet economisch-rationeel. Winst of verlies zal hun een zorg zijn. Ze zijn immers buiten staat om jegens hun kiezers verantwoordelijkheid te nemen voor zaken die zich op een hoger bestuurlijk niveau afspelen. In het "beste" geval, krijg je een ondoorzichtig netwerk van instituten die sterk zullen lijken op "intercommunales", plekken waar gekozen bestuurders vrijwel zonder controle over miljoenen beschikken, die niet "rationeel" verdeeld en besteed worden, maar via koehandel worden uitgesmeerd. Om van regelrechte corruptie maar te zwijgen.

Maar alles goed en wel: Er ligt nu tenminste een visie op tafel, ook al is het de mijne niet.

Technorati Tags: , , ,
Powered by ScribeFire.
Related Posts with Thumbnails